28 april 2019, zondagmorgen

We komen (2 personen) aanlopen vanaf de Kapperallee. De boer ziet ons komen en komt met de trekker achter ons aan.

Ik ga aan de kant. Hij gaat achter me rijden (het voelt als op mijn hielen) en ik ga steeds verder aan de kant, zodat hij ruimte genoeg heeft.

Dan toetert hij hard! Ik sta met mijn handen omhoog: “Waar moet ik naartoe dan? Ik kan toch niet nóg verder aan de kant?” Hij roept van alles en ik loop door, niet in staat tot discussie met deze man.